Schaarste op 14 stations in Zuid-Nederland

Geplaatst: 08-02-2021
In de provincies Noord-Brabant en Limburg is sinds 9 februari op 14 nieuwe stations sprake van mogelijke congestie. Dat betekent dat het netwerk op deze stations de vraag niet meer aankan. Wij hebben hier melding van gedaan bij de ACM (Autoriteit Consument en Markt) en doen voor deze stations onderzoek naar de mogelijkheden voor congestiemanagement.

Het energienet is nog niet overal berekend op de grote toestroom van terug te leveren energie. Zakelijke initiatieven voor duurzame opwek, zoals zonneparken, vragen om veel transportcapaciteit. Op stations waar sprake is van (mogelijke) congestie moeten we nieuwe aanvragen helaas tijdelijk afwijzen. TenneT, de netbeheerder van het landelijke hoogspanningsnet, en Enexis Netbeheer doen ondertussen onderzoek naar de mogelijkheden om de capaciteit op het energienet uit te breiden. Het gaat om de volgende stations:

Brabant-West  Brabant-Oost Limburg-Noord
 Geertruidenberg, Breda, Etten-Leur, Waalwijk, Biesbosch 's-Hertogenbosch-West, Boxtel, Helmond-Oost, Helmond-Zuid Boekend, Nederweert, Maasbracht, Helden, Weerterheide

Hoe kan dat?

Er is geen capaciteit meer beschikbaar op een station als de ‘uitwissellimiet voor teruglevering’ van TenneT is bereikt. Dat is de hoeveelheid energie die er via het station naar het hoogspanningsnet kan worden getransporteerd. Wanneer deze limiet bereikt is, is er dus voor nieuwe klanten geen ruimte meer voor afvoer van energie naar het hoogspanningsnet. Daarom blijven TenneT en Enexis Netbeheer investeren in de uitbreiding van het energienet. 

Huidige situatie

Op dit moment zijn er in Noord-Brabant ongeveer 3300 zakelijke klanten die duurzaam energie opwekken. Drie jaar geleden waren dat er nog maar 800. In Limburg is dat aantal gestegen van 400 naar 1200. In de afgelopen drie jaar hebben we in deze regio 1000 MW extra gerealiseerd om nieuwe klanten te kunnen aansluiten.

Ondanks de uitbreiding van de afgelopen jaren was de beschikbare ruimte op deze stations al enige tijd beperkt. Dat de resterende capaciteit nu sneller vergeven is dan we hadden voorzien, komt onder andere doordat de initiatieven voor grootschalige zonnedaken enorm zijn gegroeid. Voor deze projecten is namelijk geen vergunning nodig en wel subsidie beschikbaar.

Wat betekent dit in de praktijk?

We doen nu samen met TenneT onderzoek naar de mogelijkheden voor congestiemanagement op deze stations. De uitkomst hiervan is over enkele maanden te vinden op www.enexis.nl/congestie en op de website van TenneT. We doen die onderzoeken gezamenlijk omdat de schaarsteproblematiek op deze stations niet alleen over ons eigen energienet gaat, maar ook over het hoogspanningsnet.

Als uit het onderzoek blijkt dat congestiemanagement niet mogelijk is, krijgt dit hele gebied de kleur rood op de schaarstekaart. In een rood gebied moeten wij nieuwe aanvragen voor teruglevering helaas afwijzen en kunnen we geen nieuwe offertes uitbrengen. Zolang een gebied oranje is, wijzen we offerteaanvragen in afwachting van de uitkomst van het onderzoek voorlopig ook af. De (voorlopig) afgewezen aanvragen komen op de interesselijst. Zodra er extra capaciteit beschikbaar is, nemen we contact op met de klanten op de interesselijst die hiervoor in aanmerking komen.

We vragen gemeenten en provincies om hun plannen die passen bij de Regionale Energiestrategieën te blijven uitwerken. In de komende jaren gaan we veel extra transportcapaciteit realiseren waarmee die nieuwe projecten kunnen aansluiten. Het gaat er niet om óf we projecten kunnen aansluiten, maar wanneer. Voor een realistische planning is een intensieve samenwerking tussen regionale overheden en netbeheerders noodzakelijk. Hoe beter we op de hoogte zijn van de plannen, hoe gerichter we ons net kunnen uitbreiden.

Toekomst

Structurele uitbreiding van het netwerk kost veel tijd. Het proces van besluitvorming en vergunning duurt meerdere jaren en we hebben we steun nodig van de politiek. Het bijbouwen en verzwaren van hoogspanningsstations, het aanleggen van nieuwe hoogspanningsverbindingen en het leggen van dikkere kabels kost namelijk al snel 5 tot 10 jaar per project. Dat is inclusief de voorbereiding en het traject voor vergunningen.

Totdat het net verzwaard is, kijken we naar de mogelijkheden voor tussenoplossingen zoals curtailment, congestiemanagement, peakshaving en opslag. Deze oplossingen kunnen tijdelijk voor wat meer ruimte zorgen om kortstondige piekbelasting op te vangen zonder dat we last krijgen van storingen en/of stroomuitval.

Veelgestelde vragen

Er is een verschil tussen de daadwerkelijke belasting op het energienet en het gecontracteerde vermogen op papier. Het gecontracteerde vermogen is de maximaal overeengekomen ruimte op het net waar de klant gebruik van kan maken. In de praktijk gebruikt de klant vaak minder vermogen dan hij maximaal zou kunnen gebruiken. Een station zit ‘vol’ als de daadwerkelijke uitwisseling van stroom op het hoogspanningsstation wordt bereikt. Om die daadwerkelijke uitwisseling te berekenen, tellen we de afname en teruglevering van aansluitingen die al in gebruik zijn op bij de teruglevering en afname van aansluitingen die al gepland zijn. We kennen de opwekprofielen van zon- en windenergie ondertussen goed. Daarom kunnen we goed inschatten wat de werkelijke opwek gaat doen.

In onze investeringsplannen houden wij altijd rekening met projecten waarvoor al subsidie is toegekend of die op een andere manier een grote kans van slagen hebben. Daarnaast nemen we ook de plannen van gemeenten en provincies mee die worden opgesteld in het kader van de Regionale Energiestrategieën. De uitgewerkte plannen worden vervolgens vertaald naar de investeringsplannen voor zowel het landelijke netwerk van TenneT als het regionale netwerk van Enexis Netbeheer.

Dat hoeft niet zo te zijn. De doelen uit het Klimaatakkoord zijn gesteld voor 2030: er is nog tijd voor de realisatie van grootschalige netuitbreidingen. Het is wel belangrijk dat de langetermijnvisies van de (regionale) overheden zo concreet mogelijk worden. Die hebben namelijk grote invloed op de besluitvorming en realisatie van de infrastructuur die nodig is om de klimaatdoelstellingen te behalen.

We verwachten dat deze maatregel zeer beperkt ruimte oplevert op de genoemde stations. Zodra er eventueel ruimte ontstaat, informeren wij onze klanten hierover.

Was dit antwoord nuttig?